JESAIA 65
- 5 apr
- 5 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 4 dagen geleden
JESAIA 65
1 Ik ben gevonden van hen, die naar Mij niet vraagden; Ik ben gevonden van degenen, die Mij niet zochten; tot het volk, dat naar Mijn Naam niet genoemd was, heb Ik gezegd: Ziet, hier ben Ik, ziet, hier ben Ik.
2 Ik heb Mijn handen uitgebreid, den gansen dag tot een wederstrevig volk, die wandelen op een weg, die niet goed is, naar hun eigen gedachten.
3 Een volk, Mij geduriglijk tergende in Mijn aangezicht, in hoven offerende, en rokende op tichelstenen;
4 Zittende bij de graven, zo vernachten zij bij degenen, die bewaard worden, etende zwijnenvlees, en er is sap van gruwelijke dingen in hun vaten.
5 Die daar zeggen: Houd u tot uzelven, en naak tot mij niet, want ik ben heiliger dan gij. Deze zijn een rook in Mijn neus, een vuur, den gansen dag brandende.
6 Ziet, het is voor Mijn aangezicht geschreven; Ik zal niet zwijgen, maar Ik zal vergelden, ja, in hun boezem zal Ik vergelden;
7 Uw ongerechtigheden, en uwer vaderen ongerechtigheden tegelijk, zegt de HEERE, die gerookt hebben op de bergen, en Mij smaadheid aangedaan hebben op de heuvelen; daarom zal Ik hun vorig werkloon in hun boezem weder toemeten.
8 Alzo zegt de HEERE: Gelijk wanneer men most in een bos druiven vindt, men zegt: Verderf ze niet, want er is een zegen in; alzo zal Ik het om Mijner knechten wil doen, dat Ik hen niet allen verderve.
9 En Ik zal zaad uit Jakob voortbrengen, en uit Juda een erfbezitter van Mijn bergen; en Mijn uitverkorenen zullen het erfelijk bezitten, en Mijn knechten zullen aldaar wonen.
10 En Saron zal tot een schaapskooi worden, en het dal van Achor tot een runderleger, voor Mijn volk, dat Mij gezocht heeft.
11 Maar gij verlaters des HEEREN, gij vergeters van den berg Mijner heiligheid, gij aanrichters ener tafel voor die bende, en gij opvullers des dranks voor dat getal!
12 Ik zal ulieden ook ten zwaarde tellen, dat gij allen u ter slachting zult krommen, omdat Ik geroepen heb, maar gij hebt niet geantwoord, Ik gesproken heb, maar gij hebt niet gehoord, maar hebt gedaan, dat kwaad was in Mijn ogen, en hebt verkoren hetgeen, waaraan Ik geen lust heb.
13 Daarom zegt de Heere HEERE alzo: Ziet, Mijn knechten zullen eten, doch gijlieden zult hongeren; ziet, Mijn knechten zullen drinken, doch gijlieden zult dorsten; ziet, Mijn knechten zullen blijde zijn, doch gijlieden zult beschaamd zijn.
14 Ziet, Mijn knechten zullen juichen van goeder harte, maar gijlieden zult schreeuwen van weedom des harten, en van verbreking des geestes zult gij huilen.
15 En gijlieden zult uw naam Mijn uitverkorenen tot een vervloeking laten; en de Heere HEERE zal ulieden doden, maar Zijn knechten zal Hij met een anderen naam noemen;
16 Zodat, wie zich zegenen zal op aarde, die zal zich zegenen in den God der waarheid; en wie zal zweren op aarde, die zal zweren bij den God der waarheid, omdat de vorige benauwdheden zullen vergeten zijn, en omdat zij voor Mijn ogen verborgen zijn.
17 Want ziet, Ik schep nieuwe hemelen en een nieuwe aarde; en de vorige dingen zullen niet meer gedacht worden, en zullen in het hart niet opkomen.
18 Maar weest gijlieden vrolijk, en verheugt u tot in der eeuwigheid in hetgeen Ik schep; want ziet, Ik schep Jeruzalem een verheuging, en haar volk een vrolijkheid.
19 En Ik zal Mij verheugen over Jeruzalem, en vrolijk zijn over Mijn volk; en in haar zal niet meer gehoord worden de stem der wening, noch de stem des geschreeuws.
20 Van daar zal niet meer wezen een zuigeling van weinig dagen, noch een oud man, die zijn dagen niet zal vervullen; want een jongeling zal sterven, honderd jaren oud zijnde, maar een zondaar, honderd jaren oud zijnde, zal vervloekt worden.
21 En zij zullen huizen bouwen en bewonen, en zij zullen wijngaarden planten, en derzelver vrucht eten.
22 Zij zullen niet bouwen, dat het een ander bewone; zij zullen niet planten, dat het een ander ete, want de dagen Mijns volks zullen zijn als de dagen eens booms, en Mijn uitverkorenen zullen het werk hunner handen verslijten.
23 Zij zullen niet tevergeefs arbeiden, noch baren ter verstoring; want zij zijn het zaad der gezegenden des HEEREN, en hun nakomelingen met hen.
24 En het zal geschieden, eer zij roepen, zo zal Ik antwoorden; terwijl zij nog spreken, zo zal Ik horen.
25 De wolf en het lam zullen te zamen weiden, en de leeuw zal stro eten als een rund, en stof zal de spijze der slang zijn; zij zullen geen kwaad doen noch verderven op Mijn gansen heiligen berg, zegt de HEERE.
Knechten:
De knechten betreft een bepaalde Lichting incarnaties die nu op Aarde zijn geïncarneerd en nog zullen incarneren. Deze categorie heeft zich voor zij naar de Aarde kwamen gecommitteerd tot een Actieve Taak voor Het LICHT, namens Het LICHT, op deze Aarde.
Dit alles, wat de Chosen Ones (zullen) volbrengen, is gebaseerd op de Vrije Wil.
Deze incarnaties hebben een bepaald plichtsgevoel.
Tevens zouden ze hun leven op Aarde, ondanks alle beslommeringen, nooit anders invullen, dan met de innerlijk vervulling die zij ontvangen in hun werk voor Het LICHT.
De nieuwe Hemelen en de nieuwe Aarde:
Hemelgebied: In een Hemelgebied is geen negatieve energie.
De Aarde bevindt zich nu in de periode van Transformatie, de transformatie van de negatieve krachten: de grootste opruiming ooit.
Diegenen die De Informatie/ De Boodschap ter Verlossing van de mens toepassen en hier innerlijk bewust mee aan de slag gaan kunnen zichzelf, met de Zegening van Het LICHT, innerlijk bevrijden. Het Pad van Verlossing.
Velen zullen volgen.
Velen zullen volgen.
Velen zullen volgen.
Indien de mens Het Pad der Verlossing doorloopt/heeft doorlopen, dan zullen zij uiteindelijk ‘De Status van Verlichting in overeenstemming met De Goddelijke Wereld’ bereiken. Doordat deze mensen in het Hoger Bewustzijn bewust aanwezig zijn hebben zij alle Kennis/Wijsheid tot zich genomen om zichzelf, ten alle tijden, innerlijk vrij te houden. Zij zullen de Handelingen doen vanuit en in overeenstemming met de Goddelijke Wereld op deze Aarde.
Zij zullen Het Instrument van De Goddelijke Wereld op deze Aarde zijn, waarmee de nieuwe wereld/Aarde/werkelijkheid automatisch tot stand komt.
Tevens, wanneer de mens volledig bewust is geworden, zullen zij gevrijwaard zijn van al wat uit het negatieve afkomstig is.
Met andere woorden, dat wat nu een gevecht is, zal dan geen gevecht meer zijn: ‘‘het zal niet meer in hun harten opkomen’’ - vers 17.
Worstel en kom boven.
GOD’S WEGEN ZIJN ONDOORGRONDELIJK.
De mens zelf ‘is’ de sleutel
De Chosen Ones zullen zelf bewust betrokken zijn bij de uitvoering van de betreffende Informatie/Handelingen vanuit en in overeenstemming met Het Goddelijke, vertaald naar deze wereld/ Aarde/ 3e dimensie.
Via deze Handelingen en de sleutelrol die de Chosen Ones mogen vervullen, verrichten zij de Handelingen die als een verscheidenheid werken voor eenzelfde doel (EENHEID); waardoor de nieuwe wereld tot stand komt: ZO BOVEN ZO BENEDEN.
Tevens zal hiermee de periode van opruiming van de negatieve krachten (waar wij ons nu in bevinden) volbracht worden. Dan zal er geen negativiteit meer op Aarde aanwezig zijn, wat tevens automatisch een nieuwe Aarde tot stand brengt.
Stap voor stap.
De innerlijke wereld van de mens zal enkel vervuld zijn van LICHT, LIEFDE, BLIJHEID; enkel dat wat toebehoort aan Het LICHT - met als gevolg een Nieuwe Aarde, Nieuwe Hemelen:
Er zal enkel LICHT zijn.
De Stad van Vrede ligt verborgen In U.
De integratie van Het LICHT in U.
De Belofte van GOD aan de mensheid, zal zich onder andere via The Chosen Ones, manifesteren op Aarde.
CHAAS 24 - 13 | BHINNEKA TUNGGAL IKA | PANCASILA
5 april 2026
